“Voor mij hoeft dat allemaal niet zo sociaal te zijn”, zei ze toen ik vroeg waarom ze geen Spotify account meer had. “En ik heb 15.000 mp3’s staan, dat is wel genoeg.” Voor mij hoeft dat ook allemaal niet zo sociaal te zijn, ik gebruik het om legaal en gemakkelijk naar muziek te luisteren. Het mag allemaal best sociaal zijn maar niet TE. Die stream rechts van muziek waar mijn vrienden naar luisteren, niet dat ik het bekijk, maar het stoort mij niet dat ook mijn activiteit daartussen staat. Maar we moeten niet gaan overdrijven. We moeten die sociale activiteit binnen zijn eigen platform houden. Daarom staat de share van Spotify naar Facebook uit. Daarom staat de share van Foursquare naar Facebook uit. Daarom staat de share van Goodreads naar Facebook uit. Ik probeer mijn Facebookpagina zo clean mogelijk te houden. Al wat daarop komt probeer ik bewust er zelf op te zetten. Het is zo een beetje uw online identiteitskaart geworden, dus alles wat er op komt wordt weloverwogen.

Anyway, we wijken af. Deze blogpost gaat over asociale fotosharing. In die zin dat ik wel wat foto’s online wil zetten, maar dat dat voor mij allemaal niet zo social hoeft te zijn. Ik ben net terug van een week all-in-luiervakantie in de Turkse zon. Ik had mijn camera bij (een Nikon D3100, niets speciaals, instapmodel, maar ben er blij mee). Ik heb hem gebruikt om wat foto’s te maken op de luchthaven, toen we aankwamen, en van de zon die onderging, en that’s it. Na dag 1 bleef die mooi op de kamer staan wegens te groot, te steelbaar, en onhandig aan een zwembad en een buffet. En dan was het veel gemakkelijker om gewoon mijn gsm bij te hebben in Elke haar sacoche. Mijn gsm die trouwens een hele gemakkelijke en goeie panoramafunctie heeft, meteen wat basisbewerkingen kan uitvoeren (contrast, kleurcorrectie, …), en zelfs degelijke HDR pogingen onderneemt. En wanneer er dan wat wifi was, dan synct die al die foto’s meteen naar Google+. Gebackupt en sharable. Het is ook zo dat ik, sinds ik gisterennacht ben thuisgekomen, al zeker een half uur heb staan staren naar die gsmfoto’s op mijn laptop in Google+, en mijn Nikon nog steeds niet aan de kabel heb gehangen om de foto’s op de computer te zetten, ze te importeren in Lightroom, ze te taggen, bewerken, samenvoegen, exporteren, uploaden.

Maar goed, dat smartphonefoto’s een pak gemakkelijker zijn dan DSLR foto’s dat wisten we al. Het punt dat ik wil maken is dat ik helemaal geen goesting heb om een Google+, Facebook, Flickr of whateveralbumpje aan te maken over onze vakantie, *Bodrum 2013* ofzo. Al zeker geen *upload all* te gaan doen. Daarvoor zit er te veel crap tussen. Wat ik wel wil, weet ik op zich nog niet goed. Ik smijt in een volgende blogpost gewoon even wat foto’s samen, met mogelijk een verhaaltje erbij, zie het als een online fotoboek. Want een echte fotoboek maken met 5 foto’s -waarvan de helft onnozele- dat ziet er ook niet uit.

Dat doet mij er trouwens aan denken. Ik denk dat ik deze vakantie -toen ik een vrouw met haar prutsgsmetje zeker 20 foto’s zag nemen van de dansshow in het amphitheater in het hotel- tot de conclusie ben gekomen dat niet alle foto’s die we maken goed hoeven te zijn. En met goed bedoel ik qua kwaliteit, kadrage, perspectief, (on)scherpte, kleuren, contrast, pose, blik,…*  Ik kon daar boos om worden. Zien wat mensen al dan niet met behulp van een Instagramfiltertje online smeten, of ze zo zien staan en een heel concert door hun cameratje filmen waarbij ik op dat moment al de pijn in mijn oren kon voelen van een fan die denkt op Youtube een mooi stukje muziek te vinden. Nu doet het mij wat minder. Of nee, ik kan er nog steeds boos om worden maar ik kan het ook relativeren. Niet elke foto hoeft perfect te zijn, het dient als momentopname, als herinnering, als visueel dagboek. Al dan niet geshared. Ik denk dat ik mijn gsm zelf maar eens wat vaker moet bovenhalen om een foto te maken. Om wat herinneringen vast te leggen. Voor mezelf. Al dan niet geshared.

 

* Ja zo ongeveer in die volgorde. Dan toon ik aan Elke een foto van haar en dan zegt ze: “nuhuh, niet met die tote”, en moet ik toegeven dat haar gezicht inderdaad er niet in haar beste vorm op staat. Ik zou beter eens met beginnen met naar de foto zelf te kijken, het gezicht enzo, voor ik naar al de rest kijk. Och ja, ik ben dan ook geen echte fotograaf.

4 comments
Karel Brits (@KarelBrits)
Karel Brits (@KarelBrits)

Ik merk toch dat ik analoog nog steeds op een andere manier foto's maak dan met de smartphone. Een andere digitale camera heb ik bewust nog steeds niet. Juist omdat je meer gaat nadenken bij wat je op foto gaat zetten, wat je wilt tonen en hoe, als je weet dat je opnames beperkt zijn en elke druk op de knop je geld zal kosten. Ik zag onlangs op G+ een foto van een grote ruimte in Arles, waar de jaarlijkse ontmoetingen rond fotografie plaats vinden nu. In die ruimte lag een grote hoop foto's, allemaal prints van foto's opgeladen op diverse sociale netwerken in een periode van 24 uur. Er wordt veel meer gefotografeerd dan vroeger en we leven in een cultuur die draait om beeld, maar er is bijna niemand die nog echt kijkt voor de opname gemaakt wordt, of wanneer er nadien naar gekeken wordt. Het mag van mij dus ook wat minder digitaal sociaal. Geef mij maar een ouderwetse dia-avond met een hapje en een drankje in een beperkt gezelschap, in plaats van een album voor 400 vrienden waarbij er quasi niemand reageert. Antisociaal fotograferen is misschien wel het enige echte sociale fotograferen.

Gerrit Vromant
Gerrit Vromant

Ik heb zelf nooit analoog gefotografeerd, dus kan daar weinig over zeggen. En dia-avonden al zeker niet. Maar af en toe maken we wel ne fotoboek die dan aan wat mensen getoond wordt.

Stijn
Stijn

Twee dingen. In de tijd van analoge fotografie moest je bewust kiezen welke foto je ging maken. Zelfs in het tijdperk van de wegwerpcamera liep je op vakantie steeds te denken van "ik moet er nog wat overlaten voor later". Die gedachte is volledig verdwenen. Is dat erg? Ik denk van niet. Als je 10% goede foto's maakt, dan ga je relatief meer goede foto's hebben door vaker te schieten. Albums maken deden we vroeger als herinnering voor onszelf en onze familie en vrienden. Diezelfde albums heb je nu ook online, voor diezelfde familie en vrienden. Uiteraard ga je daaraan niet zomaar _al jouw foto's_ toevoegen, maar een selectie. Kijk ik naar mezelf, dan zie ik net dat soort filtering: alles naar de backupschijf (cf. de vroegere negatieven), een selectie in een online album (cf. analoog laten ontwikkelen), en een beperkt deel laat je ook afdrukken (cf. in een kader op de kast). En dan nog. Je kiest volledig zelf wat je wil tonen. Indertijd kreeg ook niet iedere bezoeker het hele fotoalbum onder zijn neus geschoven. Kwestie van uw privacy instellingen grondig te beheren.

Gerrit Vromant
Gerrit Vromant

Goed punt van die fotoboek. En ja, een selectie online zetten, maar dat ziet er soms ook niet uit.